Van vast naar vloeibaar

Al dagen probeer ik het te begrijpen. De tijd lijkt stil te staan, letterlijk. Ritme is verdwenen, ijs smelt niet meer, de zon gaat niet meer onder.
Ik kijk de horizon af. Het is warm. De zon schijnt me toe en ik kan niets anders dan terugkijken. Heb ik haar nu lief of veracht ik haar? Zora bedoel ik dan, maar op een of andere manier doet de zon mij aan haar denken. Mijn fel verlichtend, tegelijk zo onophoudelijk in de weg zittende Zora. Verpletteren en aanbidden op hetzelfde moment.
Ik loop naar het beeld toe. Zoals het daar imposant op een sokkel staat. Er onttrekt zich een gevoel van zekerheid mij. Door het ijs schijnt vanuit verschillende hoeken het zonlicht. Het is niet eens glanzend, zoals ijs zou zijn als het in fel zonlicht zou staan in de wereld die mij bekend is. Mat, is het, alsof we op bevroren land staan. We, het strandbeeld en ik. Wie ‘we’ nog meer zijn weet ik niet. Niet meer althans. Ik weet het even allemaal niet meer. Het lijkt een eeuw geleden dat ik echt met iemand sprak, mijn gedachten uitte. Een eeuw waarin er geen nachten zijn geweest, aan de niet brekende zon te zien. Aan het einde van de aarde boven die eeuwige zee waakt zij machtig over mij. En dan het ijs. Ook geen eeuw waarin ijs smolt. Geen druppels langs het gladde oppervlakte, langzaam glijdend van vast naar vloeibaar. Het zou mij herinneren aan het passeren van de tijd. Maar waar is die nu? En de muziek! Nergens hoor ik nog een ritme. Mijn hart klopt, maar zonder continuïteit. Ik probeer in mijn handen te klappen, maar ik slaag er niet in om dit aan te houden. En volgens mij was ik ooit muzikant. Nog ergens kan ik me herinneren wat muziek kon zijn. Als ik tonen en ritmes samen liet komen, om me van de tijd los te maken.

 

Tijd is vloeibaar
Voor ijs is water tijd
Water het draagvlak
Gevormd voor mijn verlangen

 

 

 

 

 

 

 

Klopt het wel
Mijn hart
Als ik telkens weer terugdeins
Voor onregelmatigheid

 

 

 

“Wat beweeg je snel! Waar ga je heen?” hoor ik mijzelf vermoeid achter haar aan roepen.
Ze heeft zich alweer meters van mij verwijderd en verdwijnt nu rennend uit mijn zicht. Een dichte muur van takken en bladeren zorgen ervoor dat ik niet weet wat er zich tussen het groen erachter afspeelt. Laylo zal zich er wel raad weten, maar ik ben nog steeds niet in staat geweest mijzelf in het onbekend te storten. Ik weet dat ik ooit moet, Laylo mij een goede stap voor is en mij straks wel zal helpen, maar ik moet er nog even niet aan denken de weinige controle die ik heb, te verliezen.
Langzaam loop ik op de zee af. Ergens sta ik nu met mijn voet in contact met de zon, die via de zee naar mij toereikt.
Blij springt ze weer uit de groene muur, terug op het zand, en komt naast me zitten. Zwaar hijgend, met haar snuit omhoog in de wind. Ze lijkt dit eiland prima te vinden.
“Gespecialiseerd in plezier hebben. Dat ben je, lieve Lay. Ik wenste dat ik jou kon zijn, al was het maar voor even. Jou hart lijkt te kloppen zoals het hoor te kloppen,” ze heft haar hoofd naar me op en likt haar neus nat. Glanzend is die nu, zoals het ijs eruit had moeten zien.
“Oh ik mis haar zo lieve Lay. Ik mis haar zo. Waar zijn we beland en hoe heeft het tot dit punt kunnen komen. Is dit het oneindige? Hebben we het vanaf nu altijd zo? Lay, ik moet het oplossen, ik moet weer normaal doen, niet lang zal ik dit nog vol houden.”
Ik heb het gevoel dat Laylo ieder woord heeft begrepen van wat ik zei. Haar snuit voelt warm aan mijn been als ze die er zachtjes tegen aanduwt. Ze lijkt te zeggen “ik mis haar ook zo ontzettend, het is zo snel gegaan allemaal.” Zij en Zora waren al die jaren mijn twee dierbaarste. Mijn twee engelen.

 

 

 

 

 

Tijd om te leven. Tijd om te liegen. Tijd om te lachen.
Tijd om te spreken. Tijd om te spelen. Tijd om te sterven.
Tijd om op te staan, tijd om af te dalen, tijd om in te treden.

 

 

 

 

Krampachtig maar vastberaden duw ik wat takken opzij. Ze zijn stevig en het kost me moeite ze van me af te duwen. Ik ben een weg aan het banen door de sterke armen van de bomen. Het veilige open strand heb ik achter me gelaten. Deze keer win ik. Van een kracht die de muur heeft belichaamd. De muur is niet sterker, maar ook zal ik niet te lang stil moeten blijven staan. De zon probeert hier ook te komen, maar haar lukt het niet. Dat voelt goed. Voor het eerst in lange tijd heb ik mijzelf bevrijd uit de klauwen van de zon, en daarmee uit de gedachten aan Zora. In het onbekende vind ik nu rust.  In dit onbekende vindt ik de schaduw.
Ik laat wat onrust van me afglijden en probeer me te concentreren op een ritme. Ik voel me goed genoeg om weer een keer proberen te klappen, een driekwartsmaat, een tweekwartsmaat. Maar nog geen succes. Geen ritme. Maar ook geen angst. Mijn weg leidt ergens naartoe en ik ben al door de muur heen gebroken. Nu mag ik niet meer stilstaan.
Ik ben nog maar een paar minuten onderweg, als Laylo begint te blaffen. Het klinkt ver weg, maar door het dichte bladerpak wordt het geluid tegengehouden en nog geen 10 stappen verder zie ik haar staan. Zowel zij als ik kunnen ons geen houding geven bij het tafereel dat voor ons ligt.
Daar, voor onze ogen strekt zich de zee uit. Die zee met diezelfde eeuwige zon. De zee waar we vandaan komen. De zee met daarvoor het zand. Met daarop, dat beeld. Dat beeld van ijs. Het begint me te duizelen en ik weet nog net een van de takken te grijpen voordat ik door mijn benen zak. De wind tegen mijn gezicht is opeens ijzig koud, terwijl de zon nog steeds fel in mijn ogen schijnt. Ik sta net buiten de muur, maar verlang sterk terug naar de schaduw van de balderen. Het bloed is uit mijn hoofd gestroomd en mijn benen trillen. Maar ik moet nu in een rechte lijn teruglopen, naar de andere kant. Maar eigenlijk weet ik al, daar zal de zon weer aan de horizon staan.

 

 

 

Harlette Deree
PIY deelnemer

 

 

 

1 Comment

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s